Elly en Rikkert

Sonnetten

De vredesduif

15-12-2018

Vannacht had ik een wonderlijke droom:
ik was de vredesduif. Mijn vleugel bloedde.
Toch steeg ik op en zag een weldoorvoede
en blijde mensenmassa rond een boom,

die volgehangen met schijnheilig licht
en zoetebroodjes-lucht stond mooi te wezen.
Van boven af kon ik hun harten lezen,
sinds dat moment deed ik geen oog meer dicht.

Ik heb haast ieder jaar wel dit soort dromen
totdat het plastic feestje weer voorbij is,
dan ben ik weer aan Disneyland ontkomen

waar iedereen zo ongenaakbaar blij is.
Ik ben een treurig vogeltje. En toch:
zolang u mij ziet bloeden, leef ik nog.

Herbergier

07-12-2018

Ik heb een prachtig ambacht: herbergier.
Mijn taak is om de toko hier te runnen,
om wie op reis zijn onderdak te gunnen.
Gewoonlijk doe ik dat met veel plezier.

Mijn roem ontleen ik aan het kerstverhaal
met die bevalling in de dependance,
maar nu verandert heel de ambiance,
het aantal gasten wordt wel erg massaal.

Men maakt mij bang met allerlei prognoses:
er komen veel Maria’s aan en Jozefs.
Wie laat ik binnen, wie betaalt de tol?

Ja, ik besef tot in mijn diepste vezels:
de deur moet dicht, want zelfs de stal is vol
met ossen en met allerhande ezels.

Herfst in ons hoofd

30-11-2018

Het is weer herfst. Het stormt in onze hoofden.
Een windvlaag rammelt aan de achterdeur,
ons koudgeschrokken hart verschiet van kleur,
de rozentuin die wij onszelf beloofden

staat vol met distels. Doornen in ons oog
en flarden mist die langzaam binnendringen,
de roep van ganzen, dwaze vluchtelingen
langs regenwolken, traag en pijnlijk hoog.

Je was gerust, je leefde als de dromers
die warm en veilig sliepen, jaren jong,
waar gras nog groen was, waar de merel zong,

je woonde in onsterfelijke zomers,
totdat de kou je hersens binnendrong.
Sta op! En proef de regen op je tong.

Bevallen

23-11-2018

‘Bevalt het daar een beetje in de polder?’
‘Nou nee, niet echt. Het ziekenhuis is dicht.
Mijn lief, die hier gewoonlijk naast mij ligt,
slaapt in een veldbed, boven op de zolder.

Want stel dat we eens heerlijk zouden knallen,
zo’n mooie ongeremde vrijpartij,
dan was de liefde ook weer snel voorbij,
er is hier nergens plek om te bevallen.’

Dus, mannen, houdt u in en stort geen zaad!
Straks ligt uw pasgeboren kind op straat
of op de vrije markt van Lelystad.

En, vrouwen: maakt u ook uw borst maar nat.
Het lijkt wel of de polder zogezegd
al voor de tweede keer wordt drooggelegd.

Troost

16-11-2018

Waar vind ik troost? Het Sinterklaasgebeuren,
dat is verworden tot een nare soap?
De intocht en de uittocht. Is er hoop?
Het is hetzelfde liedje, uitentreuren.

Aan beide zijden ligt men ingegraven,
gewapend met genadeloos gelijk
en vrede ligt niet binnen handbereik,
geen bron van troost waar ik mij aan kan laven.

Dan kijk ik maar tv: momentopnames,
en het gekakel van een talkshow-host,
de eindeloze leegte van reclames.

O, Lieke Martens en jouw voetbaldames,
op jou hef ik het glas en zeg ik: proost!
O, gratie, schoonheid, laatste bron van troost!

Kerncentrales

09-11-2018

Ja, kerncentrales! Zet ze maar weer neer,
ze zijn voor onze energiebehoefte,
want wij, de slurpers, schrapers, het geboefte,
wat willen wij? Niet veel, alleen maar meer.

Wij zuigen moeder aarde langzaam leeg
zolang we van bezitten zijn bezeten.
Van minder wil allang geen mens meer weten,
alsof een monster ons te pakken kreeg.

De hebzucht is de wortel van het kwaad,
dus denk goed na wat u voor het milieu doet.
Wanneer de wereld op een dag vergaat,

wil ik niet horen dat u klaagt of sneu doet.
Roep dan niet zielig: ‘Ach, het is te laat’,
want enkel watjes doen alsof hun neus bloedt.

Fileleed

02-11-2018

Het gaat ons economisch stukken beter
en iedereen die naar zijn werk wil gaan,
komt ergens in een file stil te staan
van -opgeteld- haast duizend kilometer.

In Afrika noemt men ‘een uur te laat’
gewoon ‘op tijd’, maar hier zijn we veel stipter.
De een berust erin, een ander flipt er,
want tijd is geld in onze welvaartsstaat.

U snapt dat dit niet lang zo door kan gaan,
de weggebruikers klagen steen en been.
We moesten maar iets radicaals verzinnen:

wanneer ons hele land komt vast te staan,
gooi er een laag nieuw asfalt overheen
en hoppakee: gewoon opnieuw beginnen.

Plastic soep

26-10-2018

Goed eten is een ongezonde sport:
de mensen sjouwen met obesitassen
vol van gebakken lucht uit onze kassen
en kwakken heel het zaakje op hun bord.

Schoon is het niet, al noemt men het ‘gewassen’.
De sporen vindt men zelfs in mensenpoep:
gesmolten ijsbergsla en plastic soep
met apenkool, gekookt op broeikasgassen.

O land van vraatzucht en gebakken peren,
van plofkip, koeienvla en botervloot,
van hete bliksem en van kouwe kleren,

de veelheid van dit alles wordt mijn dood.
Ik ga beslist wat minder consumeren,
ik eet voortaan alleen genadebrood.

Zomertijd/wintertijd

19-10-2018

De ganzen vliegen over naar het zuiden,
ze scheren luidkeels langs de bomenkruin,
het zachte wuiven van de najaarstuin
en in gedachten volg ik hun geluiden

en vleugel mee, hoog boven zee en duin,
hun sluiers wit en smetteloos als bruiden,
een wereld over die ik niet kan duiden,
langs huizen die verkruimelen tot puin,

waar alles breekt: een scheur, een scherf, een flinter
van misverstand. Een oog, een balk, een splinter,
de kaalslag van een kille woordenstrijd.

Hier sta ik, in mijn onbeduidendheid,
mijn stille tuin waarin ik overwinter
en langzaamaan vervliegt de zomertijd.

Drugsafval

12-10-2018

Ons land wordt overspoeld met drugsafval,
het wordt gedumpt op akkers en in sloten,
in vinexwijken stroomt het door de goten
en zo verspreidt het gif zich overal.

Het zit zelfs in de mais, die hier massaal
door onze mooie koeien wordt gegeten.
Die geven melk. En deze voedselketen
bepaalt het welzijn van ons allemaal.

Dus als u een glas melk heeft ingeschonken
dat door uw peuter braaf is opgedronken
en stuitert het extatisch op de bank,

volkomen high en in de gloria,
dan komt dat niet door de gezonde drank,
maar door de drugslaboratoria.